WEG MET DE CONTACTPUNTEN

Om de een of andere reden zijn contactpunten in combinatie met een mechanische vervroeger nog steeds populair bij veel HD-rijders. Wie een keer een goede elektronische ontsteking geprobeert heeft, zal echter toe moeten geven dat contactpunten toch veel slechter presteren op een moderne motorfiets. Ook het onderhoud aan de punten en de mechanische vervroeger is lastig en tijdrovend. Vergeet je een keer het noodzakelijke onderhoud, dan zijn de gevolgen meestal gevoelig voor de portemonnaie. Een elektronische ontsteking presteert beter en is onderhoudsvrij. Er zijn after-market veel geavanceerde ontstekingen verkrijgbaar, maar daar hangt vaak een onvriendelijk prijskaartje aan. In dit artikel gaan we eens kijken hoe je zo goedkoop mogelijk een goede onderhoudsvrije ontsteking op je motor kunt krijgen.

De originele ontstekingsmodules hebben bij veel HD-rijders een slechte naam. Dit is niet helemaal onterecht, want Harley heeft inderdaad op de oudere modellen een flink aantal jaren diverse wanproducten gemonteerd. Echter, na de jaren 90 hebben ook de HD-fabrieken ingezien dat de oude ontstekingen niet voldeden en is men op dit punt flink gaan moderniseren. Deze originele ontstekingen kosten ongeveer de helft van wat een after-market model kost en bovendien barst het van de (goede) gebruikte ontstekingen op ruilbeurzen, etc. Ze zijn totaal onderhoudsvrij en geven haast nooit storingen of andere problemen. Het probleem met deze originele ontstekingsmodules is echter dat zij allemaal een speciale stekker of plug hebben die in de originele HD bedrading opgenomen wordt. Bij eigenbouw motoren is dit een lastige zaak. Door de stekker af te knippen en de draden te verlengen kunnen we de originele module gewoon op alle modellen big twins monteren door middel van een aparte kabelboom. Bij storingen aan de elektrische intallatie is dat bovendien ook nog veel makkelijker als je een fout in je bedrading moet opsporen.

DE SOORTEN MODULES
Als je op zoek bent naar een nieuwe of gebruikte ontstekingsmodule moet je er altijd op letten dat je een model neemt van na bouwjaar 1990. De oude modules presteren zeer slecht en zijn zonde van je geld. Zelf werken we veel met de volgende modellen:
32405-91 (D-plug)
32405-91A (D-plug)
32449-95A (Deutsch-stekker)
De echte liefhebbers kunnen eventueel een module gebruiken van een politiemodel (OEM 32419-91A) die de toerentalbegrenzer pas bij 5800 toeren per minuut laat werken, terwijl de normale ontstekingsmodules begrenzen bij een toerental van 5250 toeren per minuut. Ook de Screaming Eagle modules staan hogere toerentallen toe. Echt nodig zijn deze hogere toerentalbegrenzers niet, want ook de begrenzer van de originele modules hoeven haast nooit hun werk te gaan doen omdat zelfs de snelle rijder dit toerental zelden of nooit bereikt.

DE VACUUM SCHAKELAAR (VOES)
De HD ontstekingsmodules zijn vanuit de fabriek geprogrammeerd voor twee vervroegingscurves. De Vacuum Operated Electric Switch (VOES) bepaalt welke curve op dat moment tijdens het rijden gebruikt wordt. De VOES reageert op het vacuum in het inlaatspruitstuk en is door middel van een slangetje met het spruitstuk verbonden. Als het vacuum laag is, zoals tijdens het accelereren en bij het leveren van een zware belasting, staat de VOES open. Als de motor niet zwaar hoeft te presteren, zoals bijvoorbeeld bij kruissnelheid op de snelweg, is het vacuum hoog en wordt de VOES gesloten. Deze twee standen van de VOES bepalen de keuze van de vervroegingscurve die in de computermodule vast geprogrammerd zijn. Hierdoor zorgen we er voor dat de motor door de late curve niet pingelt bij accelereren en en leveren van zware prestatie, terwijl de vroege curve er voor zorgt dat de motor tijdens het rijden bij kruissnelheid zuinig met de brandstof omspringt en zo koel mogelijk loopt.
Alle modellen van na bouwjaar 1984 hebben standaard een aansluiting voor het slangetje naar de VOES op het spruitstuk zitten. Als dit niet bij jouw motor het geval is kun je een voudig een gaatje in het spruitstuk maken en daar met locktite een messing pijpje in vast lijmen. Zorg dat je het gaatje in het spruitstuk iets kleiner boort zodat het pijpje er in geperst moet worden. Lekkage moeten we hier natuurlijk niet hebben. Als je eerst eens wil experimenteren met de ontsteking zonder al teveel werk kun je eventueel ook de draad die van de module naar de VOES gaat niet aansluiten. Je gebruikt dan alleen de curve met de maximale vervroeging. Als je er echter definitief mee blijft rijden zou ik zonder meer een VOES monteren omdat dit veel beter voor je motor is. Zeker bij een zwaardere motor en bij alle motoren tijdens het accelereren en bij lage snelheden merk je echt het verschil en rijdt de motor veel rustiger en draait mooier "rond". De VOES is eenvoudig aan te sluiten. Je bevestigd hem ergens aan de cilinderbrug, het slangetje sluit je aan op het spruitstuk, een draad sluit je aan op de massa en de andere draad gaat naar de ontstekingsmodule. Zorg voor goede verbingen, ook naar de massa.

SOORTEN GEVERS
De gever is een soort metalen dekseltje met uitsparingen dat je op je nokkenas monteert, inplaats van de mechanische vervroeger. Bij het zoeken naar de gever moet je er op letten dat je niet het model neemt dat van 1980 t/m 1983 gebruikt werd. Dit is eenvoudig te zien omdat het onderdeelnummer in de gever staat. Het nummer dat je nodig hebt is onderdeelnummer 32402-83. Er bestaat ook nog een sensor met een grotere uitsparing dan de normale modellen. Deze is echter voor de modellen met benzine-injectie (OEM 32456-95) en is voor ons niet bruikbaar.

SOORTEN SENSOREN
De sensor geeft de puls naar de computermodule op het moment dat de ontsteking moet vonken. Harley zou Harley niet zijn als zij niet een groot aantal verschillende sensoren op de markt brachten. Een aantal heeft op de plaat hetzelfde onderdeelnummers staan maar wordt door HD onder een ander nummer geleverd omdat er dan een ander model stekker aan zit. We hebben zo langzamerhand alle modellen van na 1983 wel een keer geprobeerd, maar verschillen betreffende prestaties hebben we hierbij niet opgemerkt, het werkt allemaal perfect.

DE KLEURCODE VAN DE AANSLUITDRADEN
Voor de onstekingsmodule 32405-91 en 32464-95 gebruikt HD de volgende kleurcodes:
Zwart = massadraad (aan het frame).
Violet / wit = Naar de VOES.
Roze = Naar bobine (deze draad geeft de pulse voor de bobine)
Wit = plus draad vanaf de bobine (via de run/off schakelaar op het stuur).
Groen = naar de gever in de nose cone
Zwart / wit = naar de gever in de nose cone
Rood = naar de gever in de nose cone

Voor de ontstekingsmodule 32499-95A ziet de kleurcode er als volgt uit:
Zwart = massadraad (aan het frame)
Violet / wit = VOES
Roze = bobine (pulse gever)
Wit / zwart = plus draad vanaf de bobine (via run/off schakelaar)
Groen / wit = naar de gever in de nose cone.
Zwart / wit = naar de gever in de nose cone.
Rood / wit = naar de gever in de nose cone.

Voor andere modellen ontstekingsmodules kun je de kleurcodes vrij eenvoudig uit het werkplaatsboek van het betreffende bouwjaar halen.

DE BOBINE
Door Harley worden twee soorten bobines gebruikt. Een 5 ohm model voor gebruik bij contactpunten en een 3 ohm bobine voor de elektronische modellen. Met een elektronische ontsteking kun je theoretisch beide modellen gebruiken. Het nadeel van de 5 ohm modellen is echter dat je een veel zwakkere vonk krijgt. Het resultaat hiervan is natuurlijk een slechtere verbranding en daardoor weer slechtere prestaties. Gebruik dus bij voorkeur een 3 ohm model bobine zoals standaard op alle modellen zit van na 1983 (OEM 31614-83A) of een aftermarket vervanger. Voor de perfectionisten is er nog een bijzonder goede bobine van het merk Accel verkrijgbaar, de 2,7 ohm HEI Super Coil. Deze bobine is redelijk prijzig maar geeft voor die prijs wel een wereldvonk! Accel claimt een uitgangsspanning die tot 67% hoger is dan een originele bobine. Ook het oplopen van de spanning gaat sneller en de vonkduur is langer ten opzichte van een origineel model. Deze bobine is ook voor originele motoren een aanrader.

HET MAKEN VAN DE VERBINDINGEN
Goede elektrische verbindingen zijn op een motorfiets bijzonder belangrijk en voorkomen veel ergenis. Kroonstenen, in elkaar gedraaide draden, etc. zijn op een motor altijd een bron van storingen en zeker bij ontstekingen uit den boze. Voor het verlengen van de draden van de ontstekingsmodule mogen alleen goede soldeerverbindingen gebruikt worden. Gebruik hiervoor alleen harskernsoldeer dat in elke elektronicawinkel verkrijgbaar is. Onder geen voorwaarde soldeerpasta of S39 gebruiken omdat dit door corrosie gegarandeert problemen geeft na enkele tijd. Nadat we alle draden van de module met een soldeerverbinding verlengd hebben, schuiven we over elke draad een stukje dunne krimpkous, zodat de plaats van het solderen geheel afgedekt is met een overlap van ongeveer 1 centimeter over de isolatie aan beide zijden. Als we alle draden op deze wijze geisoleerd hebben, schuiven we nog een stukje dikker krimpkous van ongeveer 15 centimeter lengte over de gehele kabelboom om een mooi waterdicht geheel te krijgen. Na dit klusje monteren we de ontstekingsmodule ergens op het frame, onder de olietank, of een andere geschikte plaats. De draden splitsen we bij de module uit in bundels en omwikkelen ze netjes met tape. We laten twee draden naar de bobine lopen (de plus- en de stuurdraad), drie draden naar de sensor in het blok en een draad naar de VOES. De massadraad van de module leiden we naar het dichtsbijzijnde goede aardpunt en bevestigen hem daar aan massa. De verbinding tussen de drie draden van de sensor en de module kan je op allerlei manieren maken, zorg er alleen voor dat het een storingsvrije en waterdichte verbinding is. Nu alleen nog de motor starten en de ontsteking voor de eerste en de laatste keer afstellen en je bent voortaan overal van af.

DE TOEKOMST
De HD-fabrieken zijn duidelijk nog lang niet aan het eind van de ontwikkelingen op ontstekingsgebied. De nieuwe Twin Cam modellen hebben een geheel nieuwe generatie ontstekingen. De nieuwe ontstekingen hebben niet meer de twee voorgeprogrammeerde vervroegingscurves met een VOES die bepaald welke curve gebruikt wordt, zoals bij de voorgaande modellen. De nieuwe ontstekingsmodule is een single-fire systeem. De nieuwe module verzamelt zelf allerlei informatie betreffende het motormanagement en stelt aan de hand van deze gegevens een ideale vervroegingscurve in. Op het spruitstuk is een z.g. Map-sensor gemonteerd. Deze Map-sensor is niet zoals de VOES een aan / uit schakelaar, maar geeft een variabel signaal af dat aan de ontstekingsmodule wordt doorgegeven. In het blok zit ook nog een nokkenassensor die aan de ontstekingsmodule doorgeeft welke bougie moet vonken voor het single-fire systeem. Een van de krukwangen van de krukas is voorzien van een vertanding. Op de linkerzijde van het carter zit ook weer een sensor die deze tanden op de krukas telt. Aan de hand van deze informatie bepaalt de ontstekingsmodule het toerental van het blok en de krukas positie. Met behulp van al deze informatie wordt de vervroegingscurve bepaald door de computer in de module. Ook zit er nog een bank-angle sensor op de motor, die gekoppeld is aan de ontstekingmodule. Deze bank-angle sensor schakelt de motor uit als de hellingshoek groter is dan 80 graden (niet te plat door de bochten dus, grapje), ook gaat het lampje check-engine branden. Men kan het systeem re-setten door de motor rechtop te zetten en het contact een keer aan en uit te zetten.

Ook een handig snufje bij deze nieuwe ontstekingsmodule is het diagnose programma met storingsgeheugen. Als je motor ergens onderweg niet goed zijn best heeft gedaan, ga je daarna even langs je dealer die bij je motor een stekker in zijn kont duwt en dan kan aflezen wat er fout was gegaan. Je ziet, de techniek staat meer nergens voor.





terug