EEN GOED KNUCKLEHEAD BLOK
De Knucklehead spreekt haast iedere Harley rijder aan. Men noemt het de enige echte Harley onder de Harley's en als er ergens zo'n model op een treffen geparkeerd staat, loopt iedereen er omheen te draaien en maakt foto's. De Knucklehead blijft met een mystiek waas omgeven, mede waarschijnlijk omdat hij het laatste model was dat door de heren Bill Harley en de gebroeders Davidson gezamenlijk ontworpen is. Daarnaast was de Knucklehead voor zijn tijd ongelofelijk snel en de topsnelheid van een standaard motor lag rond de 100 mijl per uur (160 km/uur). De laatste Knucklehead is in 1947 van de band gerold en werd in 1948 vervangen door de eerste Panhead modellen. Pikant detail is dat deze nieuwe eerste modellen Panhead's veel onbetrouwbaarder waren dan de oudere Knuckle. Een goed Knucklehead motorblok vinden wordt vandaag de dag een moeilijke en kostbare zaak. Deze modellen werden in het verleden meestal door "sportieve" rijders aangeschaft en zijn dan ook over het algemeen flink afgeragd. Van de blokken die soms te koop zijn is meestal niet veel meer over en een ingrijpende restauratie is dan de enige remedie.

Historie
Rond 1930 was er veel vraag naar motoren met groot vermogen en snelheid. Harley was legendarisch om de betrouwbaarheid van de motoren, maar vermogen en topsnelheid waren ver te zoeken. Rond 1931 besloot men een blok te gaan ontwikkelen dat aan de vraag om meer vermogen kon voldoen. De doelstelling was een motor te ontwerpen met de snelheid van een racemotor en de betrouwbaarheid van een tractor. Na veel gepuzzel en het oplossen van veel problemen (bij de eerste testen van de kopkleppers sproeiden zij overal olie) waren de prototypen rijp voor productie en kwam in 1936 de 1000 cc Knucklehead op de markt. Joe Petrali reed met een geprepareerd model in 1937 heen en terug over het strand van Daytona Beach met een gemeten gemiddelde snelheid van 136,183 mijl per uur (ruim 215 km/uur). Later in dat jaar reed men met een Knuckle 1825 mijl (2920 kilometer) in 24 uur met een gemiddelde snelheid van 76 mijl per uur (ruim 120 km/uur). Dit waren voor die tijd fantastische prestaties en wie het kon betalen en van snelle motoren hield kocht dan ook een Harley-Davidson Knucklehead.
In 1941 ging men op verzoek van het publiek naast de 1000 cc modellen ook een 1200 cc model produceren om nog meer koppel te krijgen. Zowel de 1000 cc als de 1200 cc bleven in productie tot en met 1947, waarna in 1948 de Knucklehead vervangen werd door de Panhead. De Knucklehead was voor zijn tijd een bijzonder moderne motorfiets met ongekende betrouwbaarheid en prestaties. Dit model was een belangrijke reden dat de HD-fabrieken de crisisjaren overleefd hebben en we nog steeds op dit merk rond kunnen rijden. De constructie van de Knucklehead was de basis van de daarna volgende modellen tot aan de Twincam.

Een goed Knuckle blok opbouwen
Een goed Knucklehead blok vinden valt niet mee en zelfs een tot op de draad versleten blok kost nog de hoofdprijs. Een origineel blok is minimaal 70 jaar oud en is in die tijd flink versleuteld en afgeragd. Met name de carters kregen het flink te voorduren en zitten inwendig meestal vol met scheuren rond het krukaslager en het nokkenaslager. In de tijd van fabricage was men veel minder ver betreffende kennis en technieken van gietmethoden en materialen dan in de hedendaagse tijd en daarnaast waren de smeermiddelen van veel mindere kwaliteit. Er zijn tegenwoordig weer moderne complete Knucklehead blokken te koop van bijvoorbeeld S&S, maar deze zijn feitelijk nieuwere modellen onderblokken met daarop een Knuckle bovenblok. Deze blokken zijn bijzonder goed, hebben zelfs moderne Timkenlagers voor de krukas, maar zien er verre van origineel uit. Prima voor een mooie bobber, maar voor wie echt origineel wilt gaan "not done". Gelukkig zijn er ook leveranciers die exacte kopieën maken van originele carters en andere onderdelen. De Duitse firma Cannonball is zo'n bedrijf. Zij maken o.a. carters voor de Big Twin zijkleppers en Knuckleheads. Ook cilinderkoppen en cilinders zijn bij hen leverbaar. Deze carters zijn niet van origineel te onderscheiden en voorzien van alle gietnummers, details, etc. Men kan kiezen uit een blank gestraalde versie of een gepatineerd model dat er uitziet alsof het vanaf nieuw een halve eeuw opgeslagen heeft gelegen op een plank in een magazijn.

We gaan bouwen
John kwam bij ons binnenstappen met wat plastic bakken waarin de restanten zaten wat eens een 1200 cc Knucklehead motorblok was geweest dat hij in Amerika aangeschaft had. Het blok was verre van compleet, de carters zaten vol met scheuren en de cilinders had iemand een keer uit zijn handen laten vallen waardoor er bij het dunne deel bij de cilindervoet een grote platte kant was ontstaan. John wilde graag van deze spullen een goed, betrouwbaar blok maken waar gewoon mee gereden kon worden zonder constant stil te staan met pech en het moest er van buiten in ieder geval helemaal origineel uitzien.
De rechter carterhelft van het aangeleverde carter zat vol met scheuren rondom de lagers van de nokkenas en krukas lagers. We begonnen met een poging om de scheuren te lassen, maar gaven dat al snel op. Het waren er zoveel dat dit hopeloos was en er ontstonden steeds meer nieuwe scheuren tijdens het laswerk. Omdat het blok er absoluut origineel uit moest komen te zien bestelden we maar een nieuw setje carters bij de firma Cannonball in gepatineerde uitvoering. Dit zijn exacte kopieën van originele modellen en zelfs de gietnummers ontbreken niet. Deze carters besparen ook veel werk omdat zij al voorzien zijn van nieuwe lagerbussen voor de krukas en nokkenas. De lager zijn al in lijn gehoond en de boel kan zo gemonteerd worden. Na ze aan de binnenkant even, zoals bij de originele carters, in de Rustoleum gezet te hebben tegen het zweten en de goede maten lagerrollen en vulringen er bij gezocht te hebben kunnen de carters gemonteerd worden. De krukas werd gereviseerd met nieuwe zijtappen, bigend en lagerkooien van Jims en natuurlijk gebalanceerd om zo min mogelijk last van trillingen te hebben. Voor het uitvullen van de zijdelingse speling gebruiken we moderne loopringen van Ampco 45 omdat de originele stalen ringen altijd erg invreten op de lagerbussen in het carter. Ampco 45 is een bronslegering die naast koper ook nikkel, mangaan en aluminium bevat. Door de samenstelling van het materiaal is het bijzonder slijtvast en kan het extreem zware belastingen aan. Monteer in alle oude modellen waarbij de zijdelingse speling van de krukas uitgevuld moet worden in het carter met end-play ringen altijd moderne Ampco ringen en vergeet de oude stalen modellen. Je voorkomt op deze manier veel slijpsel en extra slijtage in je blok.

Nokkenas compartiment
Nu de krukas in het carter hangt, kunnen we verder met de rechterkant van het carter waarin de nokkenas, breather valve en tandwielen gemonteerd worden. Deze onderdelen ontbraken bij de door John aangeleverde spullen en we kozen voor een model nokkenas van S&S die onder de naam Flathead Power veel onderdelen voor de oude modellen uitbrengt. Omdat een originele Knuckle al snel genoeg is en we een lange levensduur van het blok willen, gebruiken we een vervang nokkenas van S&S met een standaard lichthoogte en een timing die dicht in de buurt ligt van origineel. De breather valve en de tussentandwielen voor ontsteking en dynamo komen van Cannonball. Zij leveren hiervoor een setje "lightning gears" die door Harley gefabriceerd werden van 1936 t/m 1939. Deze tandwielen zijn van gaten voorzien om ze lichter te maken en minder trillingen te veroorzaken. Na 1939 werden er tandwielen gebruikt zonder deze gaten om het productieproces goedkoper te maken. Voor het tandwieltje op de pinionshaft dat de oliepomp aandrijft, nemen we een model van S&S dat een tandje meer heeft en de oliepomp twintig procent sneller laat draaien, zodat het blok altijd voldoende olie krijgt. In het oude nokkenasdeksel monteren we even nieuwe bronzen bussen voor de pinionshaft en de nokkenas. Al zijn de originele bronzen bussen nog goed, toch maar even vernieuwen want de bronslegeringen zijn tegenwoordig een stuk beter dan vroeger. Bij het ruimen van de bronzen bussen in het deksel altijd het carter als mal gebruiken zodat de boel mooi in lijn komt te liggen.

Cilinders
De cilinders die bij het blok horen waren in het verleden een keer gevallen en één cilinder had hierdoor een enorme platte kant bij de cilindervoet. Gelukkig zijn er voldoende leveranciers van Knuckle cilinders en kun je uit veel merken kiezen .
De zuigers van de 1200 Knucklehead zijn hetzelfde als van een Panhead of Shovelhead. Ook hiervoor is een grote keus bij diverse after-market leveranciers. Bij dit soort oude blokken gebruiken we altijd traditionele modellen zuigers. Met de nieuwere high-tech zuigers zijn de resultaten wat minder, waarschijnlijk veroorzaakt door de beperkte oliecirculatie in deze oudjes.

Cilinderkoppen
De constructie van de klepdeksels en tuimelaars bij de koppen van een Knucklehead is flink gecompliceerd en erg gevoelig voor lekkage. De originele covers waar de tuimelaars in bewegen zijn van dun plaatstaal. S&S levert covers van gegoten aluminium die beter oliedicht zijn, maar die zien er niet origineel uit. Op dit punt wordt het dus keuzes maken. We gaan bij dit blok toch eigenwijs voor origineel. Er zaten bij de aangeleverde onderdelen nog bruikbare originele klepdeksels en we besluiten deze te restaureren en opnieuw te gebruiken. De cilinderkoppen worden voorzien van nieuwe kleppen en geleiders van Precision Machining en een setje nieuwe klepveren. De tuimelaarassen en tuimelaars ontbreken en hier pakken we een compleet setje van S&S voor. Deze S&S kit is van een perfecte kwaliteit, mooi afgewerkt en compleet met alle benodigde loopringen. Traditioneel bij S&S is het geleverde materiaal perfect en de montage voorschriften de onduidelijkste die er bestaan. Omdat deze kit zowel voor originele blokken als voor de S&S KN motorblokken is, krijg je er een flink pakket verschillende modellen en dikten ringen bij. Je moet dan zelf maar creatief zijn en uitvogelen welke je moet gebruiken.

De laatste loodjes
Na montage van de tuimelaars en klepdeksels kunnen de laatste onderdelen van het blok gemonteerd worden. We gebruiken stoterstangen van S&S, de klephulzen zijn van Colony. Voor de ontsteking nemen we een elektronisch model van Samwel Supplies. Origineel was een Knucklehead uitgerust met contactpunten, maar dat is met de hedendaagse biobrandstof geen succes en geeft door een erg onvolledige verbranding veel minder vermogen met veel vervuiling van het motorblok. We zijn voorstander van origineel bij dit soort zeldzame oude modellen, maar kwaliteit en betrouwbaarheid komt wel op de eerste plaats. Het geheel wordt natuurlijk afgerond met een mooie koperen Linkert carburateur. Er zijn natuurlijk genoeg moderne alternatieven, maar een moderne S&S carburateur op zo'n blok kan natuurlijk echt niet!

Het blok is nu compleet en kan, na inbouw in de motor, weer jarenlang zijn werk doen.
Vergeet niet; Old Knuckleheads never die, they just go faster!

 

 

 
De carters van Cannonball worden netjes in een houten kist geleverd.


 
De carters staan in de Rustoleum, de krukas is gereviseerd en met wat nieuw lagerwerk kan de boel gemonteerd worden.


 
We monteren een tandwielkit met lightning gears van Cannonball en ronden de boel af met een S&S nokkenas.


 
Het onderblok zit in elkaar, alleen nog de typerende cillinderkoppen monteren.

 
De S&S tuimelaars. Een perfect afgewerkt product van hoge kwaliteit


 


Foto Onno "Berserk" Wieringa
Madnesspothotography



Terug